tekst

Vakmanschap, oorspronkelijkheid en zeggingskracht, zijn alledrie dusdanig arbitraire begrippen, dat je er in de kunstbeoordeling niets meer mee kunt beginnen. Dat iets knap gemaakt is, doet er in feite niet toe; dat het nog nooit eerder is vertoond, is meestal een kermistruc en dat het veel mensen aanspreekt is net zo vaak boerenbedrog als massahysterie. Welke criteria stel ik dan tegenover vakmanschap, oorspronkelijkheid en zeggingskracht? Laat ik er voor het gemak ook maar drie nemen, heel eenvoudig: enigma, paradox en context. In hoeverre is het kunstwerk een raadselachtige visuele verklaring voor schijnbare tegenstrijdigheden in onze leef- en denkwereld?

Enigma Paradox en Context. Ik schilder vanuit het niets. Net zolang tot ik beelden ga zien. Herinneringen, gedachten, van alles. Dan versterk ik die beelden. Soms wordt het niets. Dan begin ik weer opnieuw. Laag na laag. Tot er evenwicht is. Tot het werk me aanspreekt. Pas dan signeer ik. Dan is het af. Dat gebeurt niet altijd. Vaak niet. Pas als het af is ga ik nadenken over de betekenis en krijgt het een naam. 

Heel anders dan het maken van bruggen of computerprogramma's. Die hebben een duidelijk doel. Je kunt er zelfs geld mee verdienen. Daarom heeft schilderen niet veel te maken met handel, techniek of wetenschap en ook niet met verlangen naar macht aanzien status en roem. Daarom is het eigenlijk niet van deze tijd, maar verklaart een beetje hoe je in deze tijd tegen onze leef- en denkwereld aan kunt kijken.

Zonder woorden is er geen zin.

Guus van der Werf